Dossier: 
Mensenrechten verdedigen is een zaak van gezamenlijke menselijkheid

Zegt de N-VA vandaag: #wegmetonzewaarden?

CC Gie Goris (CC BY-NC 2.0)

Het beeldhouwwerk “Arrival” van John Behan, in de tuin van het hoofdkwartier van de VN in New York, herinnert aan de massale migratie vanuit Ierland

Feitenvrije opinies. Het begrip bestaat al enkele jaren, maar de realiteit blijft verbazen. De alt-rechtse politicus Thierry Baudet, eindbaas van het Nederlandse Forum voor Democratie, bestond het onlangs te beweren dat landen in Afrika en het Midden-Oosten zelf geen vluchtelingen willen opvangen.

Iemand die geen idee heeft van wat Libanon, Jordanië, Turkije, Oeganda, Kenia en Zuid-Afrika doen, zou niet ernstig genomen mogen worden in een discussie over een mondiaal kader om migratie aan te pakken. Toch wordt voor hem, net als voor zoveel andere twitteraars en roeptoeters, de rode medialoper uitgerold. Controverse verkoopt, en dat heeft het rechts-populisme goed begrepen. Weg met de feiten dus, en leve de polarisering.

Als we de huidige tendensen niet begrijpen terwijl ze zich ontwikkelen, dan is de kans groot dat we te laat komen om de verworvenheden uit het verleden te behoeden en te transformeren in vrijheden, rechten en samenlevingsgaranties voor de toekomst

Niet alleen de rationele grondslagen van het publieke debat zijn in de uitverkoop beland. Ook de mensenrechten. ‘Een reflectie op de actuele bedreigingen van universele rechten en persoonlijke vrijheden is geen eenvoudige zaak, omdat het onderwerp beweegt terwijl we erop proberen te focussen. Dat geeft tegelijk de urgentie van het onderwerp aan: als we de huidige tendensen niet begrijpen terwijl ze zich ontwikkelen, dan is de kans groot dat we te laat komen om de verworvenheden uit het verleden te behoeden en te transformeren in vrijheden, rechten en samenlevingsgaranties voor de toekomst’, schreef ik vorig jaar in de inleiding bij Radicaal voor Rechten, een bundeling essays over het belang van rechten en vrijheden in een wereld van gewelddadige polarisering.

Irene Khan, geboren en opgegroeid in Bangladesh en later algemeen secretaris van Amnesty International geworden, schreef in haar bijdrage tot dat boek dat de wereld zeventig jaar geleden ‘opkeek naar Europa als het rolmodel en de verdediger van de mensenrechten’. Ze citeert de Keniaans-Amerikaanse hoogleraar Makau Mutua, die stelde dat ‘mensenrechten over het algemeen gezien worden als een geschenk van het Westen aan de wereld’. Maar er is een andere kant aan die medaille, zegt Khan: ‘Door de jaren heen kregen mensenrechten steeds meer legitimiteit als een mondiale morele kracht, omdat hun onderliggende waarden en principes raken aan het intrinsieke verlangen van de mensheid naar vrijheid en rechtvaardigheid.’

Maar terwijl de mensenrechten universeler werden, groeide de twijfel in het Westen. Bart Somers formuleerde het in Radicaal voor Rechten zo: ‘Waar we vroeger over universele waarden en mensenrechten spraken, werden ze in het populistische discours verschrompeld tot westerse waarden. Waar waarden in tijden van verlichting en humanisme principes waren, materiële en formele rechten, zijn ze vergleden naar een manier van leven, een smaak, voorkeuren. Waardoor ze niet langer een garantie zijn op vrijheid, maar integendeel een instrument van onderdrukking en uitsluiting.’

Het is de moeite om dat in december 2018, nu we de zeventigste verjaardag van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens mogen vieren, nog eens in herinnering te brengen. Want als de rechtse aanval op het Migratiepact één zaak duidelijk gemaakt heeft, dan is het dat mensenrechten niet langer gezien worden als fundamenteel voor westerse waarden.

Het vergaat de mensenrechten – het beste idee van de twintigste eeuw – zoals heel wat andere waarden: er wordt mee gezwaaid en voor gepleit zolang het de westerse dominantie en het gevoel van superioriteit dient

Navi Pillay, door Desmond Tutu nog omschreven als ‘‘een gekoesterde dochter die Afrika de wereld geschonken heeft om haar deel bij te dragen in de voortdurende zoektocht naar de bescherming van menselijkheid’, en van 2008 tot 2014 Hoog Commissaris voor de Mensenrechten van de VN, zei vorig jaar in Mechelen dat de Verenigde Naties het soevereine recht van naties om de toegang tot en het verblijf op hun grondgebied te bepalen bevestigen, maar dat die naties tegelijk ook de verplichting hebben om de mensenrechten van alle individuen onder hun jurisdictie te respecteren, te beschermen en te realiseren – ongeacht hun nationaliteit, oorsprong of immigratiestatus’.

Die stelling was niet gebaseerd op de Global Compact on Safe, Orderly and Regular Migration, die volgende week voorligt in Marrakech, maar op een serie verdragen waartoe de meeste landen zich in het verleden engageerden.

Maar het vergaat de mensenrechten – het beste idee van de twintigste eeuw – zoals heel wat andere waarden: er wordt mee gezwaaid en voor gepleit zolang het de westerse dominantie en het gevoel van superioriteit dient. Bedrijven moeten vrij kunnen concurreren in de hele wereld, tot die bedrijven ook Chinees blijken te zijn en de landen waar ze cruciale infrastructuur gaan beheren in het Westen liggen. Zo ook zijn mensenrechten universeel tot ze toegepast moeten worden op mensen die niet westers – en dus voor een deel van het politieke spectrum ook ongewenst – zijn. Een verdrag dat die mensenrechtenbenadering centraal stelt, heet in het oververhitte discours van de tegenstanders plots een Europees zelfmoordverdrag.

Wie tot voor een paar jaar vragen stelde bij de uniek-westerse wortels van de mensenrechten, werd weggezet als een oikofoob, een zelfhater. Wie vandaag pleit voor Europese steun aan het pact van Marrakech omdat het de mensenrechten van iedereen erkent en probeert beter te beschermen, krijgt hetzelfde verwijt. Mensenrechten verdedigen is echter geen zaak van #wegmetons of van westerse superioriteit, maar van gezamenlijke menselijkheid. Wie daar tegen is, zegt eigenlijk #wegmetonzewaarden.

De oorspronkelijke tekst van dit commentaar verschijnt als voorwoord in het winternummer van MO*magazine. Voor slechts €28 kan u hier een jaarabonnement nemen!

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur