Kan wetenschapsdiplomatie de internationale relaties stabiliseren?

Anna Rauchenberger (CC BY 2.0)

2nd CTBT Science Diplomacy Symposium

Wetenschapsdiplomatie, de wetenschappelijke samenwerking tussen landen, los van een politieke agenda of nationale belangen, kan een stabiliserende factor zijn in de internationale betrekkingen. Dat schrijft Paul Arthur Berkman, hoogleraar Internationale Betrekkingen aan de Fletcher School of Law and Diplomacy en zelf actief betrokken bij wetenschapsdiplomatie.

Het is geen geheim dat de relaties tussen Rusland en de VS momenteel lijden onder spanningen en wantrouwen. De actualiteit staat bol van berichten over Russische pogingen om de Amerikaanse verkiezingen te beïnvloeden en de Amerikaanse media te voeden met nepnieuws, en de Russische steun aan het Syrische regime.

De relatie tussen de twee landen heeft een dieptepunt bereikt sinds de val van de Sovjetunie, en sommigen spreken al van een nieuwe ‘koude oorlog’. Diplomaten slagen er niet in de relaties te herstellen, omdat de nationale belangen aan beide zijden te groot zijn om overeenkomsten te vinden.

Toch zijn er mogelijkheden tot samenwerking die de relatie kunnen verbeteren, communicatiekanalen kunnen openen en vertrouwen kunnen bouwen, stuk voor stuk elementen die het diplomatieke proces ten goede zouden komen.

Een van de sleutelelementen daarbij is wetenschap. Als gemeenschappelijke en apolitieke taal kan wetenschap zowel bondgenoten als vijanden samen brengen via technologie en innovatie om grensoverschrijdende uitdagingen aan te pakken - denk aan de klimaatverandering, ziektes en internationale handel.

Sinds de jaren vijftig werken de VS en Rusland al continu samen in vier specifieke internationale domeinen: de internationale wateren, Antarctica, de ruimte en diepzee. Wetenschap was daarbij telkens het bindmiddel. Zo werkten ze samen binnen het Antarctisch Verdrag van 1959, dat het continent enkel voor vreedzame doeleinden reserveert, aan wetenschappelijk onderzoek als de basis voor internationale samenwerking. Zo leidde de samenwerking tussen de VS en de Sovjetunie aan het Apollo-Soyuz Test Project in 1975 tot een internationaal koppelsysteem en zo een fysieke brug voor de latere operaties en gemeenschappelijke experimenten die uitmondden in het Internationaal Ruimtestation.

De term ‘wetenschapsdiplomatie’ bestaat nog niet lang, maar de aanpak bestaat wel al lang in de praktijk. Zowel als academicus die diplomatie bestudeert en als beoefenaar van wetenschapsdiplomatie, breek ik een lans voor wetenschap als brug om de huidige politieke meningsverschillen te overbruggen tussen de grootmachten en andere actoren. Wetenschap kan samenwerking stimuleren en conflicten overal ter wereld vermijden.

Een andere weg voor diplomatie

Mensen denken bij diplomatie vaak aan de soms moeilijke onderhandelingen op hoog niveau die prominent op de krantenpagina’s figureren. Beide zijden bakkeleien dan rond een heet hangijzer, zoals tijdens de top tussen de Amerikaanse President Trump en de Noord-Koreaanse leider Kim Jong Un in Singapore.

Wetenschapsdiplomatie is heel anders en richt zich op een continuüm aan problemen. Landen komen nog altijd bij elkaar om grensoverschrijdende problemen te bespreken en op te lossen. Maar het thema op zich draait rond gemeenschappelijke belangen waarvan de wetenschap heeft aangetoond dat ze generaties overstijgen. Dat biedt een basis voor de onderhandelingen die veel minder politiek geladen is, minder verdeelt en minder bepaald wordt door de waan van de dag.

Zo kwamen landen al samen om hun krachten te bundelen in de strijd tegen twee recente pandemieën: zika in Latijns-Amerika en ebola in West-Afrika. En na de dooi tussen de VS en Cuba in december 2014, begonnen wetenschappers uit beide landen samen te werken aan kankeronderzoek.

Wetenschapsdiplomatie kan ook tot economische welvaart leiden en dankzij innovatie een evenwicht vinden met milieubescherming en sociaal welzijn. Landen wisselen technologieën uit en werken samen om de transitie naar een kenniseconomie in goede banen te leiden. Dat soort samenwerking kan ook de strijd tegen de armoede ten goede komen en een aantal van de duurzame ontwikkelingsdoelen dichterbij brengen.

Wetenschapsdiplomatie draagt ook bij aan geïnformeerde keuzes voor beleidsmakers, omdat ze kennis en opties aanlevert zonder politieke agenda. Dat helpt ook om het diplomatieke proces objectief en inclusief te houden.

We kunnen ons bijvoorbeeld geen groep diplomaten inbeelden die samenkomt in een kamer om het antwoord op een pandemie uit te tekenen zonder daarbij deskundigen rond volksgezondheid te raadplegen. De recente nucleaire deal met Iran bijvoorbeeld, vertrouwde ook op de expertise van wetenschappers om gemeenschappelijke belangen onder landen uit te bouwen als prelude voor een akkoord, en zo een blijvende basis voor samenwerking te creëren, los van politieke variabiliteit.

Samenwerking tussen wetenschappers uit verschillende landen kan manieren creëren om samen te werken aan controversiële thema’s in het algemeen. Zo is SESAME het eerste grote internationale onderzoekscentrum in het Midden-Oosten. Het is ontworpen om Israëlische en Palestijnse wetenschappers te ontvangen. In plaats van carrièrediplomaten en staatshoofden die gefocust zijn op de nationale agenda, proberen onderzoekers met een specifieke expertise er gemeenschappelijke vragen op te lossen, los van de politiek. In Europa toont de deeltjesversneller van CERN de waarde van dat soort samenwerking al sinds de jaren vijftig aan.

Tot slot kan de samenwerking en het vertrouwen onder wetenschappers uit verschillende landen een breder effect van goede wil creëren tussen de betrokken landen, inclusief overeenkomsten die anders moeilijk of onmogelijk te onderhandelen zouden zijn.

Een Arctisch voorbeeld

Mijn eigen betrokkenheid bij de Amerikaans-Russische onderhandelingen begon met het voorzitterschap van de eerste formele dialoog tussen de NAVO en Rusland rond de Arctische Oceaan. De dialoog in 2010 aan de Universiteit van Cambridge werd gefinancierd door de NAVO en andere organisaties, en mede georganiseerd door het Staatsinstituut voor Internationale Betrekkingen in Moskou. Vier Russische ministeries, experts en diplomaten uit zestien andere landen waren erbij betrokken.

Als academici konden mijn Russische collega’s en ik een apolitiek platform creëren voor een conversatie die nog nooit had plaatsgevonden. Militaire overwegingen hadden een open dialoog rond de strategie in het poolgebied - een regio van groot strategisch belang - onmogelijk gemaakt. Maar dankzij wetenschapsdiplomatie konden twee van elkaar vervreemde actoren met succes een veiligheidsthema aanpakken dat voor beiden van belang was.

Sinds 2009, en ondanks aanhoudende diplomatieke spanningen, hebben de VS en Rusland samen drie werkgroepen voorgezeten onder de auspiciën van de Arctische Raad. Dat heeft geleid tot drie bindende akkoorden onder alle acht Arctische staten: Canada, Denemarken, Finland, IJsland, Noorwegen en Zweden, samen met Rusland en de VS.

Het meest recente akkoord werd pas nog van kracht, in mei 2018, om de internationale samenwerking in het noordpoolgebied te vergroten. Het is de afspiegeling van een begrip tussen de landen: internationale wetenschapssamenwerking is essentieel om duurzame oplossingen te vinden die nationale belangen overstijgen om vrede en stabiliteit te bewaren en een constructieve samenwerking in het gebied na te streven. Wetenschapsdiplomatie opent zo een route die zowel politiek als praktisch werkt.

Internationale akkoorden zonder politiek

De wetenschap is het neutraal platform dat dialoog mogelijk maakt zonder de politieke lading. Die dialoog kan bruggen bouwen die de algemene diplomatie vooruit helpen.

Door de jaren heen heeft de wetenschapsdiplomatie een gemeenschappelijke basis helpen vormen en internationale domeinen op een vreedzame manier helpen beheren. Tegelijk helpt ze technologische doorbraken forceren en heeft ze wereldwijde relevantie op vele vlakken, van gezondheidszorg tot de digitale revolutie. In het licht van de huidige - en toekomstige - spanningen hebben we er alle belang bij om wetenschap te behouden als belangrijk kanaal van communicatie.

Voor de snel groeiende en onderling met elkaar verbonden wereldbevolking van vandaag, die enorme veranderingen doormaakt door de snelle evoluties in de wetenschap, technologie en innovatie, kan de wetenschapsdiplomatie een uniek proces vormen om onze gemeenschappelijke toekomst vorm te geven.

Paul Arthur Berkman is hoogleraar Internationale Betrekkingen aan de Fletcher School of Law and Diplomacy en zelf actief betrokken bij wetenschapsdiplomatie. Bron: The Conversation

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift