Meer dan 25.000 handtekeningen voor het behoud van natuurgebied Groene Delle, dat deels moet wijken voor industrie

‘Er is geen zinnige reden om nu nog natte natuur te betonneren’

© Tine Hens

Hoewel in Limburg veel bedrijventerreinen onderbenut zijn, duwt de Vlaamse regering door met het plan een kwart van natuurgebied de Groene Delle te kappen voor een nieuwe industriezone. Natuurverenigingen, bewoners en ruimtelijke planners vinden het onbegrijpelijk. ‘Dit is een aanfluiting van goed ruimtelijk beleid.’

De knoteiken zijn de iconen van de Groene Delle. De stammen zijn knoestig en gewrongen, de takken grillig en de bomen zijn klein voor hun leeftijd. ‘Zandgrond’, zegt Wilfried Croux en hij peutert met de tip van zijn schoen in de bodem. ‘Vergis je niet. Ze zijn wel honderd jaar oud. Maar op deze arme grond groeien ze traag.’

Het is het bijzondere van de Groene Delle, een natuurgebied geprangd tussen het Albertkanaal in het noordoosten, de E313 in het westen en het bedrijventerrein Zolder-Lummen in het noorden. Toen men in de jaren zeventig de ruimtelijke wanorde in Vlaanderen enigszins wilde regelen, werd dit gebied groen ingekleurd. Het was nu ook officieel natuur. Maar zelfs voor het dat etiket kreeg, werd het nauwelijks beroerd.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Eiken en berken schoten op, vennetjes vormden zich in het valleigebied van de Voortbeek en zo ontwikkelde zich een bijzonder ecosysteem waar kurkdroge zandgrond overgaat in vochtige broekbossen. Het is natuur waarvan we er niet te veel meer hebben in Vlaanderen. Natuur ook, waarmee we in tijden van klimaatverandering en hardnekkige droogteperiodes best spaarzaam omspringen. Dit grillige weefsel van vennen, broeken en sponzige bodems is een waterreservoir. Het zijn de plekken die we nu zo veel mogelijk moeten bewaren om regenwater op te vangen en langzaam te laten doorsijpelen.

Een kwart van de Groene Delle zou verdwijnen omdat men een voldoende stock aan bedrijventerreinen wil hebben voor het geval er zich een bedrijf meldt.

‘Vanaf hier zou het verdwijnen.’ Croux wijst langs de knoteiken in de richting van het Albertkanaal en van daar naar het zuiden waar de Voortbeek stroomt. 26 hectare moet gekapt, opgespoten en gebetonneerd worden voor de inplanting van watergebonden industrie of bedrijven. Dat is waar men alvast op hoopt. ‘Een Europees distributiecentrum’, vermeldt het op 15 mei goedgekeurde ruimtelijk uitvoeringsplan. Niet dat er al een bedrijf is dat vraagt naar dit gebied. Het is een kwestie van voorraadbeheer. Een kwart van de Groene Delle zou verdwijnen omdat men een voldoende stock bedrijventerreinen wil hebben voor het geval er zich een bedrijf meldt. Aanbodbeleid, noemt men dat.

‘Onbegrijpelijk’, schudt Croux het hoofd. ‘Zie je dat?’ Door de bomen schemert het grijs van een loods. ‘Vijf jaar geleden hebben ze per ongeluk een deel ontbost. Ondertussen staat dit er. Een distributiecentrum voor geneesmiddelen. Watergebonden? Dat had je gedacht. Die rijden met hun bestelwagens niet over het kanaal, hoor.’ Hij zucht. ‘Het oorspronkelijke scenario sprak over een gebied van 31,5 hectare. Nu heeft men het over 26 hectare.’ Hij knikt met zijn hoofd in de richting van de loods. ‘Dat is de reden. 5,5 hectare is ondertussen ingenomen.’

Al vijftien jaar volgt Croux het dossier op. ‘Of achtervolgt het mij. Zo kan je het ook bekijken.’ Hij lacht verbeten. Even lang hangt de hakbijl boven het gebied. Groene Delle was een van de zoekzones die de regering Van den Brande in 2004 afbakende in het kader van het Economisch Netwerk Albertkanaal. Het volledige gebied, honderd hectare broekbos, beken, ven, vijvers en heide werd aangeduid om te onderzoeken of het aangewezen en zinvol was het deels te ontwikkelen tot industriezone.

© Tine Hens

Onvervangbare natuur

‘Hierop kan je je profileren.’ Het was Frieda Brepoels (N-VA) die Croux attent maakte op het dossier. Hij woonde in de buurt en was toen nog lokaal mandataris voor dezelfde partij. Croux zette zijn tanden erin en liet niet meer los.

‘Hoe meer ik las, hoe duidelijker werd dat de Groene Delle uniek en onvervangbaar is. In 2001 maakte het Agentschap Natuur en Bos een advies op voor de toenmalige regering. De Groene Delle werd omschreven als waardevol tot zeer waardevol. Een in sterke mate onvervangbaar ecosysteem. Het Agentschap raadde aan de Groene Delle in zijn geheel aan te kopen en als reservaat te beschermen.’ Hij klemt zijn kaken op elkaar. ‘Dan weet je het toch? Hier blijf je af.’

Het Agentschap Natuur en Bos raadde aan de Groene Delle als reservaat te beschermen. ‘Dan weet je het toch? Hier blijf je af.’

Deels volgden de opeenvolgende regeringen deze redenering. In 2006 werd 23 hectare beschermd, in 2008 kreeg het gebied officieus de functie van verwevingsbos, in 2010 werd het onderdeel van De Wijers, ‘het unieke waterlandschap in Limburg.’ Zo meldt de website.

Maar in een parallel universum kronkelde het spoor van de industriële ontwikkeling even hardnekkig door. Er werd een milieueffectenrapport (MER) besteld en opgemaakt. Dit veegde de volledige vernietiging van de Groene Delle van tafel als ‘niet te compenseren’. Als alternatief werden drie scenario’s naar voor geschoven waarin maximum 36 en minimum 18 hectare natuur voor de bijl gingen en de schade enigszins te compenseren en beperken viel.

De Vlaamse regering koos in de zomer van 2015 voor het middelste scenario. Een betonnering van 26 hectare. We bewaren driekwart, communiceerde de regering. Er verdwijnt een kwart, redeneerde het actiecomité dat Croux in tussentijd oprichtte. ‘Niet zomaar een kwart’, benadrukt hij. ‘Het meest waardevolle.’

Win, win, win

Zo staat het ook in het MER. ‘Goed ontwikkelde bosbestanden van dit type zijn uiterst zeldzaam.’ Het is natuur die niet zomaar maakbaar is. Compensaties zijn daarom noodzakelijk, maar voegt het MER eraan toe, door de ouderdom is het gelijkwaardigheidsprincipe pas op zeer lange termijn vervuld. Met andere woorden: als je de Groene Delle opspuit tot industrie, dan duurt het minstens vijftig jaar voor de natuur die je elders ontwikkelt evenwaardig is. In de tussentijd is er enkel verlies.

Als je de Groene Delle opspuit tot industrie, dan duur het minstens vijftig jaar voor de natuur die je elders ontwikkelt evenwaardig is.

Na de beslissing van de Vlaamse regering op 15 mei om de bestemmingswijziging voor een kwart van de Groene Delle van natuur naar industrie door te voeren, postte minister van Omgeving Zuhal Demir een bericht op Facebook. Ze had het over een win, win, win. Een win voor natuur en een win voor de economie. Het beste van twee werelden.

Ja, er zou bos verdwijnen, maar de rest van het gebied zou beter beschermd worden en elders voorzag men zestig hectare bijkomende natuur. Netto zou er volgens eenvoudige boekhoudkundige berekeningen 10 hectare natuur verdwijnen omdat men natuur zou bijmaken op de aanpalende landbouwgronden. Er zou gecompenseerd worden, er zouden ecologische buffers komen, men zou er alles aan doen om de verharding zo zacht mogelijk te laten verlopen. Inclusief aangepaste verlichtingspalen om de vleermuizen niet te veel te storen.

‘Buffers en compensaties veranderen niets aan het feit dat waardevolle natuur plaats moet ruimen voor een nieuw industriegebied’, reageert Frederik Mollen, expert ruimtelijk ordening bij Natuurpunt. ‘Elders verdwijnt er geen beton. De open ruimte gaat verloren. Er liggen in Limburg nog heel wat watergebonden bedrijventerreinen braak. Het aanbod is groter dan de vraag.’

Onderbenutte bedrijventerreinen

Een berg zand. Een berg grind. Een berg verbrokkeld asfalt. Een berg vervuilde grond. Een berg gebroken glas. De kade van het Albertkanaal tussen de Groene Delle en de E314 is een bijzonder berglandschap. Zo ver het oog reikt, strekken de kunstmatige heuvels zich uit. ‘Twee kilometer lang. Stockage van materialen. En nu willen ze die vijfhonderd meter er nog bij? Terwijl er zo veel bedrijventerreinen onderbenut zijn?’

© Tine Hens

Limburg telt zo’n duizend hectaren ongebruikte industriegronden.

Croux zocht de cijfers van de ongebruikte hectaren op. Hij kwam op een kleine duizend hectare niet ingevuld industriegebied, waarvan tweehonderd langs het water, waarvan nog eens zeventig hectare even uniek gelegen als de Groene Delle: aan het water, op een boogscheut van een op- en afrittencomplex. ‘Waarom gebruiken we niet wat we al hebben?’, vraagt hij zich af.

Het is exact de vraag die Bart Nevens (N-VA) aan Joke Schauvliege voorlegde toen zij in 2015 dit dossier probeerde af te ronden als minister van Omgeving, Natuur en Landbouw. ‘We moeten toch oppassen met nieuwe zones’, zei hij. ‘Het gaat over de Groene Delle, dat toch een waardevol stukje natuur is. We moeten eerst trachten te benutten wat vandaag al kan worden benut.’

Wat Nevens benoemde en wat Croux beschreef, is de strategische visie op ruimtelijke ordening die de vorige Vlaamse regering in 2018 met het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (BRV) goedkeurde en die deze regering officieel in praktijk wil brengen. Het BRV schuift als leidende principes naar voor om geen open ruimte meer aan te snijden en om in te zetten op beter rendement van wat al bebouwd is. Ook de nota Waterbeleid waaraan de regering begin april haar fiat gaf, heeft het over de ambitie om verharding in natuur en bos terug te brengen.

‘Natuur omzetten in industrie gaat in tegen alles waar het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen voor staat.’

‘Dit dossier is een aanfluiting van deze principes. Het is een visie op ruimtegebruik die niet meer past bij deze tijd. Natuur omzetten in industrie gaat in tegen alles waar het BRV voor staat’, stelt An Rekkers als voorzitter van de Vereniging voor Ruimtelijke Planners (VRP) via Skype. ‘Bovendien bouw je in een broek waardoor je weer een nat gebied moet draineren. Het kan niet slechter liggen. Als Demir dit doorduwt, gaat ze in tegen haar eigen beleidsnota. Nu ja, Schauvliege deed niet anders. Zo vreemd is dat dus niet.’

Natuurlijke CO2-opslagplaats

‘Maar we hebben in Vlaanderen geen open ruimte op overschot. Per dag ontharden we gemiddeld 110 vierkante meter, terwijl we sinds de aankondiging van de betonstop zo’n 7 hectare per dag verharden. We verharden bijna 700 keer sneller dan we ontharden. Bovendien hebben we de neiging onze bedrijventerreinen veel te ruim te bemeten.’

Ze deelt een luchtfoto van het aangrenzende bedrijventerrein Zolder-Lummen op haar scherm en trekt cirkels rond het ruimtelijk overschot. Grote parkeerterreinen, breed uitgesmeerde betonvlakten, gelijkvloerse kantoorgebouwen. ‘Er valt een massa plaats te winnen met een beter gebruik en compactere invulling van die bedrijvenzones. Herontwikkeling van het bestaande is cruciaal bij spaarzaam ruimtegebruik. Ja, in verdiepingen bouwen verhoogt de bouwkost, maar wat met alle kosten die nooit in rekening worden gebracht?’

‘Het verlies aan biodiversiteit, aan luchtkwaliteit, aan wateropvang, de extra verplaatsingen. Want het is niet omdat een bedrijf zijn producten over het water vervoert, dat de werknemers over het water komen. Op een plek als deze,’ ze tikt op het scherm, ‘zijn ze aangewezen op de auto. Je kunt je dus ernstige vragen stellen over de CO2-afdruk van dit project.

Het is een berekening die alvast niet werd gemaakt. Het MER vermeldt de woorden ‘klimaat’ of ‘CO2’ niet. ‘Het dateert uit 2014. Dat is voor we in Parijs afspraken onze uitstoot van broeikasgassen drastisch terug te dringen’, legt milieujurist Hendrik Schoukens uit. ‘Maar met de ondertekening van dat klimaatakkoord hebben we ook beloofd om de natuurlijke ‘sinks’ of opslagplaatsen van CO2 te bewaren. Een broekbos is typisch zo’n ‘sink’. Over moerasnatuur in Vlaanderen maak je best geen compromissen. We hebben al te veel gedraineerd en verhard.’

‘Over moerasnatuur in Vlaanderen maak je best geen compromissen. We hebben al te veel gedraineerd en verhard.’

‘Als je dit vengebied opspuit, ben je de CO2-opslag kwijt. Weten we over hoeveel CO2 het gaat? Hoe plan je dit te compenseren? Wanneer heeft de opnieuw gecreëerde natuur dezelfde hoeveelheid CO2 gecapteerd? Dat zijn fundamentele vragen. We halen in Vlaanderen onze klimaatdoelen niet. We kampen voor het vierde jaar op rij met droogte. We noemen dat nog steeds uitzonderlijk, maar het lijkt de regel te worden. Er is geen zinnige reden te bedenken om nog natte natuur te betonneren.’

De voorbije weken heeft Croux vaak aan Louis Neefs gedacht. ‘Laat ons een bloem.’ Iemand postte het ook in de Facebookgroep van de Vrienden van de Groene Delle. De pagina ging de voorbije weken door het dak. Meer dan drieduizend nieuwe leden. ‘Dat doet deugd’, zegt Croux. ‘Weet je, ik vecht hier al zo lang tegen. Je wordt dat wel eens moe.’

© Tine Hens

25.000 handtekeningen

De dag waarop de Vlaamse regering de amputatie van de Groene Delle goedkeurde, activeerde Croux de petitie die hij in 2018 had afgesloten. 1783 handtekeningen had hij toen verzameld voor het behoud van het natuurgebied langs het kanaal. ‘Daar kon ik niets mee.’ Die vrijdag moest hij iets doen. Meer uit wanhoop dan uit geloof dat het iets zou uithalen. Croux zag gebeuren wat hij niet voor mogelijk hield. De handtekeningen tikten aan. Van tweeduizend tot meer dan vijfentwintigduizend. Hoe dat zo komt?

‘Alles uit China komt in Antwerpen of Zeebrugge binnen, over het kanaal wordt het hier verzameld om weer naar elders verscheept te worden. Moeten wij daarvoor dienen?’

‘De mensen zijn boos’, meent hij. ‘De regering had misschien gehoopt dat dit in coronatijd zou passeren. Maar de ogen zijn opengegaan. Het is genoeg geweest.’ Hij knikt naar de bergen op de kade. ‘Alles uit China komt in Antwerpen of Zeebrugge binnen, over het kanaal wordt het hier verzameld om weer naar elders verscheept te worden. Moeten wij daarvoor dienen?’ Hij schudt het hoofd. ‘We hebben al te veel opgeofferd. En we gaan in Limburg echt geen boterham minder eten omdat dit stukje natuur geen industriezone wordt. Integendeel.’

Vanuit het kabinet van Demir liet men weten dat het openbaar onderzoek weldra plaatsvindt. ‘Alle burgers krijgen de kans het dossier volledig in te kijken en hun opmerkingen te formuleren.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2623   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Klimaat en sociaalecologische transitie

    Tine Hens is historica, journaliste en auteur van Het klein verzet (Epo, 2015), het verhaal van mensen die van Griekenland tot Denemarken in hun eigen wijk of stad, of met hun eigen b

    Actieve thema's