‘Het is allemaal de schuld van een arrogante en bedorven elite’

In “The Last Supper” zoomt auteur en regisseur Ahmed El-Attar in op een archetypische familie uit de rijke klasse. Op die manier legt hij de oorzaken van de mislukking van de revolutie van vijf jaar geleden bloot. Er zijn twee schuldigen: de bourgeoisie en het patriarchaat. De bourgeoisie is onwetend, bedorven en futiel en de vader is god. En dat moet veranderen.

  • © Wiepke Boogaerts Ahmed El-Attar © Wiepke Boogaerts
  • bron: Youtube Scene uit “The Last Supper” bron: Youtube
  • © Wiepke Boogaerts © Wiepke Boogaerts

Een familie zit aan tafel. Er is de vader, de zoon, diens vrouw en hun kinderen, de dochter en haar man, drie huisbedienden, een familielid die men generaal noemt en de moeder die aanwezig is maar geen actieve rol heeft. Het publiek krijgt haar niet te zien. Ze praten over van alles en nog wat maar zeggen niets, of juist veel. Ze zijn de belichaming van een klasse die het al decennialang voor het zeggen heeft in Egypte.

De verhoudingen binnen deze familie zijn een weergave van de politieke en sociale verhoudingen in de samenleving. Ahmed El-Attar ridiculiseert deze elite en wijst er met de vinger naar. ‘Als er een schuldige moet gevonden worden voor de lamentabele situatie waarin niet alleen Egypte maar de hele Arabische wereld zich nu bevindt, dan is het wel deze elite’, zegt hij.

U laat een scène uit de dagelijkse realiteit van een familie uit de Egyptische bourgeoisie zien. Waarom specifiek mikken op dat minieme deel van de samenleving?

Ahmed El-Attar: Ik beschuldig deze elite niet vanwege haar rijkdom. Ik beschuldig haar omdat ze onverschillig, onwetend, cultuurloos, arrogant, oppervlakkig en slecht is. Deze elite drijft de Egyptische samenleving naar de afgrond. En dit is geen typisch Egyptisch fenomeen. In alle andere Arabische landen speelt de financiële elite een desastreuze rol en is ze verantwoordelijk voor de rampzalige situatie waarin de Arabische wereld zich nu bevindt.

Waarom is het zo ver gekomen? En is wat u net hebt beschreven niet eigen aan elites overal in de wereld?

Ahmed El-Attar: Je moet een sociologisch werk uitvoeren om echt uit te zoeken waarom de elite in Egypte zo futiel is. De elite is sowieso een complex gegeven. Dat is altijd zo geweest. Maar er zijn momenten in de geschiedenis waarin de elite meer verlicht is en een positieve trekkende rol speelt.

Neem de elite in landen als Frankrijk en België bijvoorbeeld. Ook hier heeft de elite die egoïstische en opportunistische kant. Maar dat is nooit extreem. Want ze is ook ontwikkeld en geëngageerd. Ze maakt zich nuttig voor de samenleving, ze is toch er in geslaagd deel uit te maken van het weefsel van deze samenleving.

Bij ons hebben we te maken met een elite die typisch is aan derdewereldlanden, die in een soort bel leeft, en geen enkele band heeft met de rest van de samenleving. Ze is egoïstisch en bedorven.

bron: Youtube

Scene uit “The Last Supper”

Welke invloed heeft de elite dan op de rest van de maatschappij?

Ahmed El-Attar: Een elite heeft, of we het nu willen of niet, een voorbeeldfunctie. En omdat we in Egypte, net zoals in andere Arabische landen, niet in een rechtstaat leven waarin alle burgers gelijk zijn voor de wet en aan dezelfde rechten en plichten zijn onderworpen, is de elite nog meer een model voor de rest. Men kijkt op naar deze kleine minderheid. Men wil op haar lijken, wat meteen betekent dat iedereen rijk wil worden.

Het probleem is dat deze elite niet alleen de vertegenwoordiging is van macht en geld, maar ook de bescherming tegen onrecht belichaamt.

Het probleem is dat deze elite niet alleen de vertegenwoordiging is van macht en geld, maar dat ze ook de bescherming tegen onrecht belichaamt. Ik denk niet dat mensen instinctief meer geld en meer macht willen.

Nee, ik denk dat individuen en samenlevingen vooral beschermd willen worden. Ze willen zich veilig voelen. En wanneer bescherming gepaard gaat met geld en met macht, krijg je maatschappijen zoals die in Egypte waar iedereen rijk wil worden.

Als je geld hebt, ben je niet alleen tegen onrecht beschermd, je kunt je ook veel veroorloven. Je kunt bijvoorbeeld door het rode licht rijden zonder dat iemand je tegenhoudt. Wanneer je zoon een stommiteit begaat, zal hij in het politiekantoor niet mishandeld worden. Hij kan gemakkelijk vrijkomen en zal in ieder geval niet blootgesteld worden aan de gruwelen die anderen in een politiekantoor meemaken.

Wanneer je geld hebt, zal je zoon gemakkelijk aan een baan geraken en zal je dochter met een rijke man trouwen, enzovoort. Als je deel uitmaakt van de elite, heb je dus veel privileges en net dat maakt je een voorbeeld voor velen. Maar het is een vals voorbeeld, want geen enkele maatschappij kan opgebouwd worden op basis van geld en macht alleen.

U hebt in één van uw interviews zelfs het woord racisme gebruikt.

Ahmed El-Attar: In Egypte hebben we een klassenracisme. Ras, religie of geslacht bepalen niet of je tot deze bevoorrechte groep behoort. Het is de sociale klasse. Je kunt zwart zijn maar als je veel geld hebt, sta je bovenaan in de hiërarchie. Een rijke vrouw heeft meer macht dan miljoenen mannen die arm zijn. Ik neem een vrouw als voorbeeld omdat ze in de sociale constructie meer onderdrukt is dan de man. Maar op dat niveau speelt gender geen enkele rol.

En dat is wat men in het Westen vaak niet begrijpt.

Ahmed El-Attar: Inderdaad. Een vrouw die in haar 4x4 in de straten van Caïro, Tunis of Casablanca rijdt, hoeft, wanneer ze door een gewone soldaat wordt gestopt, alleen maar het raam open te doen en na twee woorden zal de soldaat begrijpen dat ze onaantastbaar is en haar laten doorrijden.

Racisme bij ons is een klassenracisme en geen racisme dat gebaseerd is op kleur of gender en zelfs niet op religie.

Als het om een hooggeplaatste soldaat gaat, zal ze iets vriendelijker zijn, maar hij zal het ook snel begrijpen en haar laten gaan. Daarom is racisme bij ons een klassenracisme en geen racisme dat gebaseerd is op kleur of gender en zelfs niet op religie. Een Egyptische kopt heeft, als hij tot een rijke familie behoort, toegang tot alle lagen van de politiek. Hij staat ook boven miljoenen moslims. Er zijn natuurlijk altijd kleine verschillen, maar die zijn van ondergeschikt belang wanneer je tot de financiële elite behoort.

Wat was de rol van deze elite tijdens de revolutie?

Ahmed El-Attar: Ik denk dat wij in Egypte op een punt zijn gekomen waarbij iedereen de situatie beu was. Zelfs de elite was in het begin aangenaam verrast door de verandering, ook al hield ze zich altijd op een veilige afstand en is ze beschermd gebleven. Maar toen de situatie complexer werd, was ze de eerste om zich terug te trekken en zich opnieuw in haar bel op te sluiten.

Verandering is uiteindelijk iets heel complex, niet alleen voor de elite maar voor iedereen. Het bewijs daarvan is dat we constant hetzelfde model reproduceren. De vraag is niet of het Moebarak moet zijn, Morsi of Sisi. De vraag overstijgt de grenzen van het politieke.

Dit is een maatschappij die aan het Stockholmsyndroom lijdt. Een maatschappij die onder de knoet van een patriarchaal systeem zit en die de verbannen vaderfiguur blijft reproduceren. Het is een maatschappij die niet in staat is om een ander model te bedenken. Zelfs toen ze in opstand kwam en Moebarak werd afgezet, werd direct Morsi voortgebracht en daarna Sisi.

In ‘The Last Supper’ gaat de moeder ook niet vrijuit?

Ahmed El-Attar: Uiteraard. Want de vrouw, ook al is ze in dit systeem ondergeschikt aan de man, maakt deel uit van haar eigen onderdrukking. Ze is diegene die het systeem beschermt en in stand houdt. Maar dat gaat veranderen, sneller dan we denken.

Wat geeft u de indruk dat dit snel gaat veranderen?

Ahmed El-Attar: De revolutie is niet het succes geworden waarop we hoopten. Ik ben ook één van de zovelen die zich lieten leiden door het verlangen naar verandering en die de evidente realiteit aan zich hebben laten voorbij gaan. Deze evidente realiteit is dat we al zestig jaar onder een dictatuur leven en dat dit niet van vandaag op morgen kan veranderen.

Deze realiteit is dat heel de Arabische wereld door oude mannen worden geregeerd.

Deze realiteit is dat heel de Arabische wereld door oude mannen worden geregeerd. Maar de realiteit is ook dat de revolutie een effect heeft. Het zijn de komende generaties die de effecten zullen voelen. Ze hebben begrepen, zelfs als ze het nu nog niet helemaal door hebben, dat ze het model, het vaderlijke model, moeten veranderen om op politiek vlak reële verandering te verwezenlijken.

Verandering kan niet gebeuren in een omgeving waar niets echt is en waar niemand zich vrij kan uitdrukken. In die zin heeft de revolutie het veranderingsproces versneld. De revolutie heeft conflicten naar de oppervlakte gebracht. Conflicten van ideeën en tussen generaties. Er is een moment gekomen waarop iedereen zich wil uitdrukken en duidelijke keuzes maakt. Het maakt niet meer uit of men daardoor in conflict komt met de familie, met vaders of moeders. En dat is een positief teken. Want wat ook evident geworden is, is dat de vader dood moet.

© Wiepke Boogaerts

En wie moet de vader doden, de kunstenaar?

Ahmed El-Attar: Natuurlijk hebben intellectuelen en kunstenaars een rol te spelen. Er zijn veel artiesten die zich op politiek vlak willen engageren. Ik vind niet dat dit de rol is van de kunstenaar. Zijn rol is juist om afstand te nemen en zo het volledige plaatje te kunnen zien. Zijn rol is niet om oplossingen voor te stellen maar eerder om een visie aan te bieden die het publiek helpt om het veranderingsproces beter te begrijpen en het te versnellen.

Ik ben niet geïnteresseerd in het maken van politieke voorstellingen, ook al maakt het politieke en het sociale integraal deel uit van mijn werk. Ik ben wel een observator en ik heb een visie.

Uw werk behoort tot het alternatief theater in Egypte. Is er een publiek voor theater in het algemeen en voor het alternatieve theater in het bijzonder? En komt de boodschap over?

Sinds de jaren tachtig bevindt het theater in Egypte zich in een grote crisis.

Ahmed El-Attar: Egyptenaren zijn altijd goede consumenten van kunstproducten geweest. Maar sinds de jaren tachtig bevindt het theater zich in een grote crisis. Het publiekstheater is ingekrompen en het private initiatief is verdwenen. Het is ook in deze omstandigheden dat het alternatieve theater is ontstaan. Maar het is een complexe situatie omdat het een theater is dat zich soms alternatief laat noemen vanwege de schaarse middelen, eerder dan door haar vernieuwende karakter.

Maar sinds enkele jaren, door de revolutie en door de behoefte die ontstaan is om zich uit te drukken, keert het publiek terug naar het theater. Er is ook een nieuw en een jong publiek. Sinds een paar jaar zijn er twee satellietzenders gelanceerd die theatervoorstellingen uitzenden met elke week een nieuw spektakel en met jonge acteurs. De kwaliteit is natuurlijk niet goed, maar dat is niet erg. Mensen kijken op televisie maar verplaatsen ze zich ook en kopen een ticket om naar deze voorstellingen te gaan kijken. Er is dus opnieuw een publiek en dat is een goed teken.

Ook wij geven voorstellingen in Caïro. Natuurlijk zijn de tarieven laag, maar de mensen komen. Het stuk is ook toegankelijk en het publiek waardeert wat we doen. Dat wil zeggen dat de boodschap overkomt en dat is heel belangrijk.

De voorstelling “The Last Supper”, van Ahmed El-Attar door de Temple Indepentent Theater Company speelt vanavond in de Bozar, in Brussel.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur