Afghaanse pleegkinderen die achttien worden, verliezen bescherming

Waarom werkt België Afghaanse pleegkinderen tegen?

(c) GUE/NGL

in 2014 verzetten Afghanen die kerkasiel kregen in Brussel zich tegen uitwijzing naar hun herkomstland. Afghanistan was dat jaar veiliger dan nu.

Nieuwsflash. Op 11 juli loopt een berichtje uit de Afghaanse hoofdstad Kaboel binnen van blogger en hulpverlener Abdul Ghafoor. ‘Nieuws uit verschillende bronnen suggereert dat een jonge gedeporteerde asielzoeker uit Duitsland, op 4 juli zelfmoord heeft gepleegd in een hotel in Kaboel. De 23-jarige zou van de noordelijke provincie Mazar-e-Sharif zijn en werd, samen met tientallen anderen, een paar weken geleden naar Kaboel gevlogen.’

Bijna achttien. De zeventienjarige dochter die met een koptelefoon in de zetel hangt, gebruikt het sinds haar laatste verjaardag als een wonderbaarlijk bruikbaar argument. Ze diept het op om betere voorwaarden te onderhandelen: een reisje zonder ouderlijk toezicht door de eurotunnel, een later thuisuur na een cafébezoek, een tweede avonduitje op een weekend tijd. ‘Ik ben geen kind meer’, haar woorden herhalen wat generaties tieners wereldwijd al zo lang doen: verlangen naar vrijheid en ontnesting. Tegelijk weet ze dat ze in het veilige nest van haar weke ouders kan rekenen op verlengingen voor haar kind-zijn.

Toen de Afghaanse Hatib* achttien werd, viel voor hem de veiligheidsklep meteen toe. De bescherming die hij - een niet begeleide minderjarige vluchteling - omwille van zijn minderjarigheid van de Belgische staat kreeg, viel weg. Na zijn achttiende verjaardag viel een officiële brief van de Belgische staat in de postbus. Wat een verjaardagskaart had kunnen zijn, was een bombrief: Hatib kreeg het bevel om het Belgisch grondgebied te verlaten. Hij was geen kind meer.

Tijdens de vluchtelingencrisis van 2015 kwamen meer dan drieduizend kinderen op de vlucht, zonder ouders of familie, aan in België. Hatib bengelde in de staart van de toestroom en arriveerde na een barre tocht in november, hartje winter. Na een jaar in een collectief opvangcentrum kwam er dat lichtpunt: hij kon terecht bij een pleeggezin. Zijn pleegmoeder Lena* was actief geweest in zijn opvangcentrum en had er intussen al een cursus pleegouderschap voor jonge vluchtelingen op zitten. Vandaag hebben Lena en haar man twee Afghaanse pleegzonen: terwijl de ene wel recht heeft op bescherming, kreeg de andere te horen dat hij moet gaan. Terug naar een land waarvan officiële veiligheidsrapporten weinig tot geen goed nieuws brengen.

Angstmigraine

‘Mensen hebben geen idee wat het is om te voet naar hier te komen, niemand weet hier hoe moeilijk het is in Afghanistan.’

In de Vlaamse huiskamer in een centrumstadje schenkt Lena’s man koffie in de zithoek. Hatib zit aan de keukentafel. De zijlijn is veiliger. Hij is boos, op België, op het feit dat hij deeltijds werkt zonder veel geld te verdienen, op de onrechtvaardigheid van het systeem, op onze staatssecretaris voor Asiel en Migratie. ‘Als u me zijn telefoonnummer geeft, bel ik hem.’ Vijf minuten, meer heeft hij niet nodig om uit te leggen dat zijn leven geen recreatieve wandeling maar een rotte survivaltocht is.

‘Mensen hebben geen idee wat het is om te voet naar hier te komen, niemand weet hier hoe moeilijk het is in Afghanistan.’ Hij is bang en ongelukkig, slaapt sinds een jaar slecht, heeft vaak hoofdpijn. De angst is er voortdurend zegt hij. Hij is bang zodra hij de deur uitgaat, bang zodra de deurbel gaat, bang als de post in de brievenbus valt.

Het weekend voor ons gesprek kreeg de zaak waar Hatib binnen deeltijds onderwijs werkt, inspectie over de vloer, had Lena verteld. In het bericht dat ze stuurde meldde ze het bezoek van acht controleurs, en hoe alle mogelijke vluchtroutes geblokkeerd werden. En, schrijft ze, de daaropvolgende maandagochtend stond er op het uur dat de twee pleegzonen vertrekken een politieagente voor hun venster aan de straatkant. ‘Ben ik nu paranoia?’, vraagt ze zich af.

Zenuwcrisis in Antwerpen?

Shabir M. zit in volle examenperiode als de politie van Deurne aanbelt bij zijn pleegmoeder Gerlinde Kooyman. Of Shabir thuis is, vraagt de agent die vertelt dat het een controle betreft in opdracht van de Dienst Vreemdelingenzaken.

© Sien Verstraeten

‘Hij verwees naar het uitwijzingsbevel voor Shabir. Shabir was gelukkig niet thuis’, zegt Kooyman. ‘Een paar dagen later kreeg de school van Shabir een tip dat een politieactie in of aan de school, tijdens de examentijd, zou volgen. De schooldirecteur heeft meteen gereageerd en Shabir naar huis gestuurd, examens of niet.’ Zelf had Gerlinde Kooyman gedacht dat de politie geen acties mag ondernemen naar vluchtelingenkinderen in scholen. Volgens een omzendbrief zijn kinderen en jongeren inderdaad tot achttien jaar wettelijk beschermd, op school en tijdens de schooluren. Alleen, in de regel geldt dit niet voor een schoolgaande jongere die achttien of ouder is.

Toen Shabir achttien werd in december was zijn asielaanvraag afgewezen, net als het beroep bij de Raad van Vreemdelingenbetwistingen. In mei kreeg Shabir een bevel om het grondgebied te verlaten. ‘We legden dit naast ons neer omdat vluchtelingen binnen de pleegzorg tot dan toe met rust werden gelaten.’

‘Dit is een precedent. Het is de eerste keer dat een jongere in de pleegzorg wordt opgezocht door de politie sinds de opstart van onze campagne ‘Geef de wereld een thuis’, die gericht is op pleegopvang voor jonge vluchtelingen’, aldus Pleegzorg Vlaanderen. De organisatie is niet op de hoogte van andere dossiers. Verdere actie tegen Shabir werd niet meer ondernomen. Maar de zenuwen staan gespannen.

Opgepakt op de weg naar adoptie

‘Of ik naar het politiekantoor wilde komen om aan te tonen dat het niet om een schijnadoptie van Rahmat ging’, vertelt Esmeralda Borgo. De Gentse leerde de Afghaanse Rahmat begin 2017 kennen tijdens zijn verblijf op de Renoboot, een gevangenisboot die werd omgebouwd tot tijdelijk opvangcentrum. Als kersverse buddy volgde ze zijn parcours, de nu twintigjarige Rahmat, afkomstig uit Jalalabad. Van Gent, over het Brusselse Klein Kasteeltje waar hij verbleef toen hij een negatief antwoord op zijn asielaanvraag kreeg, tot hij in augustus 2017 bij haar introk.

Op dat moment werkte hij bij het biodynamisch bedrijf De Kollebloem en later bij het vegetarische restaurant Foodstorms waar hij aan de slag zou blijven tot bij het bevel kreeg om het land te verlaten. Zijn parcours was een toproute naar integratie op de arbeidsmarkt en de Vlaamse taalcultuur, zou je denken. Maar zijn beroep dat hij, met steun van Esmeralda Borgo, indiende na de negatieve beslissing op zijn asielaanvraag, werd begin dit jaar verworpen door de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen.

En dan volgde in maart het uitwijzingsbevel. Intussen had Borgo, met toestemming van Rahmats ouders in Afghanistan, de procedure tot adoptie opgestart. En toen kwam de dag dat hij werd opgepakt. ‘Twee dagen voordien was ik op het politiecommissariaat opgeroepen voor een verhoor, om uit te sluiten dat het niet om een schijnadoptie ging. Daar kreeg ik te horen dat ze ook een huisbezoek en een gesprek met Rahmat wilden.’

Ze had het kunnen weten dat er een andere agenda achterzat, zegt ze nu. ‘De twee vrouwelijke agenten wilden niet zitten, wilden geen koffie. Toen er werd gebeld bleek de commissaris, samen met twee agenten, voor de deur te staan. ‘Hij stapte, zonder mijn toelating, naar binnen met de woorden “het is gedaan”. Ze namen Rahmat mee.’ Rahmat zit nu in Brugge. Zijn uitwijzing op 1 mei werd voorkomen toen Rahmats advocaat met succes een kortgeding tegen gedwongen verwijdering inspande.

De paradox van gedwongen terugkeer

Terug naar de nieuwsflash: een jonge Afghaan, gerepatrieerd uit Duitsland, hangt zich op in het land waar hij zo hard hoopte weg te geraken. Een dag eerder had de Duitse binnenlandminister Horst Seehofer zich nog tevreden uitgelaten over het feit dat op zijn 69ste geboortedag 69 personen naar Afghanistan werden teruggestuurd. Hij had dit nochtans niet besteld’, voegde hij er, tijdens de voorstelling van zijn Masterplan Migratie, vrolijk aan toe.

Merkwaardig was hoe de rel draaide om Seehofers woorden, niemand verzette zich tegen de uitzetting as such.

Seehofers cynische woorden gaven aanleiding tot een nieuwe ruzie met kanselier Merkel. Verschillende Duitse politici eisten zijn aftreden. Merkwaardig echter, de rel draaide om zijn woorden, niemand verzette zich tegen de uitzetting as such. De rel illustreert de paradox van gedwongen terugkeer, zeker naar een conflictland als Afghanistan. ‘Dezelfde Europese landen die eens pleitten voor een betere toekomst voor Afghanen verpletteren nu de hoop voor Afghanen en laten hen in de steek in een land dat zelfs gevaarlijker is geworden dan toen ze het verlieten’, vat een Afghanistan-experte van Amnesty International het samen.

Ook Duitsland stuurde de laatste jaren, net als andere Europese lidstaten, meer Afghanen terug dan de jaren ervoor. Van december 2016 tot december 2017 werden 23 chartervluchten ingelegd door Frontex, in opdracht van Oostenrijk, Denemarken, Finland, Duitsland, Hongarije en Zweden. Niet onbelangrijk, per persoon kostte een repatriëring gemiddeld 15.000 euro, aldus de officiële gegevens van het Europese Grens- en Kustbewakingsagentschap (EBCG) dat de terugkeer coördineerde. De Europese Commissie zette in 2017 effectief in op meer terugkeer en gaf het Europese grensbewakingsagentschap Frontex een nieuw mandaat. Sinds 2016 mag het nieuwe agentschap, nu het EBCG, ook gemeenschappelijke terugkeeroperaties organiseren.

(c) Miguel Discart Photos

Protest tegen uitzettingsbeleid België, 2018

Daarnaast tekende Europa in oktober 2016 een akkoord met Afghanistan: de Joint Way Forward. Volgens dat akkoord zou gedwongen terugkeer van Europa naar Afghanistan voortaan duurzamer verlopen. Dat blijkt tot vandaag een lege doos te zijn. Toen MO* een jaar na het ondertekenen van de Joint Way Forward checkte wat de impact ervan was, bleek dat minimaal. En ook vandaag is weinig veranderd, bevestigt Abdul Ghafoor, die zich in Kaboel bekommert om Afghanen die werden teruggestuurd uit Europa.

Gedwongen terugkeer naar Kaboel niet duurzaam

Veertig jaar oorlog hebben Afghanistan en zijn inwoners intussen murw geslagen, en de veiligheidssituatie ging de voorbije jaren opnieuw in alarmerend rood. In 2017 werd de status van Afghanistan door de secretaris-generaal voor de Verenigde Naties aangepast van post-conflictland naar actief conflictland. Rapporten van de VN-missie in Afghanistan UNAMA en ECHO, de Europese dienst voor humanitaire hulp en civiele bescherming wijzen ook op de verslechterde veiligheidssituatie in Afghanistan.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Een jaar geleden werd een tiener, gedeporteerd uit Zweden, gedood in een bomaanslag. Gedeporteerde jongens die Noorwegen repatrieerde naar Kaboel werden door Iraanse troepen ingelijfd om in Syrië te vechten. Jonge mannen die worden teruggestuurd, remigreren, ook naar België.

Voor een onderzoeksdossier in 2014 zocht MO* jonge asielzoekers op die vanuit België gedwongen werden teruggestuurd naar Kaboel, toen nog, in tegenstelling tot vandaag, als “veilige regio” beschouwd. De bevindingen van MO* waren dat gedwongen terugkeer in een volatiel conflictland als Afghanistan niet duurzaam was. Drie van de vier jongens keerden niet terug naar hun familie, één van hen remigreerde intussen opnieuw naar België en één jongen verkeerde in een uiterst precaire mentale situatie.

Wordt Rahmat straks teruggestuurd?

Het erkenningspercentage van de asielaanvragers uit Afghanistan, al jaren met stip in de top drie van herkomstlanden van asielzoekers in België, bedraagt in België 49,9 procent. Daarmee doet België beter dan buurland Nederland waar het erkenningspercentage slechts 35 procent bedraagt, maar slechter dan Frankrijk. Daar geldt een moratorium op terugkeer naar Afghanistan en 84 procent van de Afghanen wordt er erkend.

‘Als ik hem adopteer, kost hij de staat bovendien niets, in tegenstelling tot de 188 euro per dag zijn voor zijn verblijf in een gesloten instelling’

Een erkenningspercentage van 50 procent betekent heel concreet ook dat de helft van de Afghaanse asielzoekers een bevel tot uitwijzing kregen, inclusief jongeren die als niet begeleide minderjarige het land binnenkwamen en die achttien jaar werden. Toch vertaalt zich dat niet in de cijfers van terugkeer, zowel gedwongen repatriëring als vrijwillige terugkeer. In 2017 werden 30 Afghanen teruggestuurd en in 2018 tot april ging het slechts over vijf personen, zegt de Dienst Vreemdelingenzaken. België blijft nog steeds prioritair inzetten op vrijwillige terugkeer, maar dat is voor Afghanistan een quantité négligable. In de top tien van bestemmingslanden voor terugkeer van januari tot mei dit jaar, kwam Afghanistan niet voor.

Jonge Afghanen die achttien zijn en niet erkend werden, komen in een limbo terecht, ook als ze goed omringd zijn door Belgische netwerken. De betrokken pleegouders Lena en Gerlinde Kooyman en kandidaat-adoptiemoeder Esmeralda Borgo vragen aan België om de onzekerheid te stoppen. De betrokkenen wijzen op het duurzame integratieproces en netwerk van deze jonge Afghanen.

Maar intussen lijkt België de deuren voor Rahmat, de pleegzoon van Esmeralda Borgo, te sluiten. Een nieuw beroep werd verworpen. ‘Het is een procedureslag’, zegt Borgo. ‘Ik snap dit niet, de overheid lijkt in beroep te willen gaan tot we verliezen. Waarom werkt België tegen in dossiers van jonge vluchtelingen die pleegkind of adoptiekind zijn? Rahmat heeft absoluut veel potentieel, is goed omringd met een ondersteunend Vlaams netwerk, heeft werk, spreekt Nederlands.’

‘Als ik hem adopteer, kost hij de staat bovendien niets’, merkt Borgo op. ‘Elke dag dat hij in het gesloten centrum verblijft, kost dit de staat, volgens een rapport van het federaal migratiecentrum Myria, een forfaitair bedrag van 188 euro per dag. Hij zit er nu meer dan vier maanden, reken maar uit.’

* Fictieve naam omwille van privacyredenen

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur